Onkruid? Niet voor Prinsenstad Makelaardij!

Het is lente, de vogeltjes fluiten, de pijltjes zwemmen in de sloot en de bloemetjes bloeien. En vooral die bloemetjes, of eigenlijk die plantjes, is waar we het vandaag over willen hebben. Dit is namelijk de tijd van het jaar waarin niet alleen de gewenste, maar ook de minder gewenste plantjes in de straten en tuinen beginnen te bloeien. De laatste soort noemen we vaak onkruid, maar niet geheel terecht.

Aangezien veel ‘onkruid’ rond deze tijd van het jaar weer opkomt, is dit ook bij uitstek de tijd om ons eens te verdiepen in deze plantjes. Sommige soorten ‘onkruid’ zijn namelijk best mooi, bruikbaar of kunnen simpelweg bewonderd worden om overlevingsvermogen op bijzondere plekken. In deze blog kijken we daarom naar een aantal veel voorkomende soorten onkruid in Nederland en proberen we daarbij wat leuke feitjes te noemen. De foto’s van de soorten die we noemen hebben we zelf gemaakt in onze eigen stad Delft.

 

Overblijvende Ossentong

Deze felgroene, blauwbloeiende plant behoort tot de ruwbladigenfamilie of Boraginaceae. In Nederland is de soort eigenlijk een exoot, maar toch steeds meer te vinden, vooral in de stedelijke omgeving en in tuinen. Deze plant is vrij stevig en kan makkelijk 80-100 cm hoog worden. De stengels zijn sterk behaard, wat niet meteen op de foto te zien is, en aan de stengels ontwikkelen zich flinke bladeren. Alhoewel deze soort in Nederland niet inheems is, is hij dat in België wel. Het verspreidingsgebied is het zuidwesten van Europa.[1] Deze soort wordt ook wel als decoratieve plant gebruikt en de bloemen kunnen rauw gegeten worden.[2]

 

Stinkende Gouwe

Deze vrolijke geelbloeiende plant heet in het Latijn Chelidonium Majus en behoort tot de papaverfamilie. Hij bloeit vooral in mei en april en is heel algemeen voorkomend, maar vooral op plekken waar gerommeld wordt, zoals op stoepen tegen muren. Dat is ook waar we dit exemplaar op de foto hebben aangetroffen, alhoewel hij ook veel langs beschaduwde bosranden voorkomt. Deze soort groeit vooral goed waar veel voedingsstoffen in de grond zitten, maar het is een echte pionier soort. Omdat de soort goed gedijd op voedselrijke bodem, vinden we hem ook veel waar huisdieren worden uitgelaten langs muren en in stegen en tuinen.

Bijzonder aan deze soort is het oranje gele melksap dat meteen vrijkomt als de plant wordt beschadigd. Dit sap werd vroeger gebruikt ter bestrijding van oogziekten. Verder worden de zaden van deze plant door mieren verspreidt. Misschien dus toch maar die mierenhoop in de buurt van je voordeur maar met rust laten dit jaar. De Stinkende Gouwe is van deze beestjes afhankelijk.[3]

 

Winterpostelein

Dit is een plant die door de winter kiemt en nog steeds is terug te vinden in de vorm van een rozetplant. De plant is eenjarig, maar kiemt in de winter, omdat de plant al voor de winter in de herfst uit zaad ontkiemd. Aan het einde van de winter of begin van de lente begint hij te bloeien. Als het nog volop zomer is, is deze plant al verdwenen en overleeft hij als zaad. De plant komt veel voor in de duinen, maar ook op open, droge en voedselrijke bodem. De plant op de foto stond gewoon in Delft. Vroeger werd de plant vermengd in salades gegeten.

Oorspronkelijk kwam de plant alleen in het westen van Noord-Amerika voor. Als verse groente is de soort echter verspreid over grote delen van de wereld. In Europa en ook in Nederland is de soort verwilderd en heeft vaste voet aan de grond gekregen. Vanwege de vorm van het schoteltje onder de bloemetjes wordt het in het Duitse taalgebied ook wel ‘Tellerkraut’ genoemd. [4]

 

Gehoornde Klaverzuring

Dit plantje dat in het Latijn Exalis corniculata heet, is goed te herkennen aan de typische bladvorm en de geel tot oranje-gele bloemen. Het exemplaar in onze foto bloeide niet, maar is desondanks best sierlijk. De soort komt veel voor in tuinen en op stenige ondergronden. In warmere stedelijke omgevingen kleuren de bladeren naar rood, wat goed te zien is bij ons exemplaar. Dit laatste blijkt een vorm van genetische aanpassing te zijn van deze soort aan een harder stedelijk klimaat. Het exemplaar van ons groeit op de Burgwal in Delft tegen de Maria van Jessekerk aan.

De soort steeds meer in de stedelijke omgeving te vinden, en is daarmee een echte stadsplant aan het worden. Naast deze klaverzuring bestaan er trouwens nog twee andere klaverzuringsoorten met eveneens gele bloemen. Oorspronkelijk komt de Gehoornde klaverzuring voor in het zuiden van Europa. Hij werd gekweekt om de randen van perken en tuinen mee te vullen, maar tegenwoordig verspreid de soort zich vanzelf.[5] De plant is trouwens eetbaar, en van de blaadjes kan een kruidenthee gezet worden. Hij is rijk aan vitamine C, maar in grote hoeveelheden kan hij kalkopname door het lichaam bemoeilijken.[6]

 

Kleine varkenskers

Deze plant is zeer veel voorkomend en blijft vaak laag bij de grond. Naast normale standplaatsen als voedselrijke akkers en plantsoenen komt deze soort ook steeds vaker in steden voor. De plant heeft in steden een niche gevonden tussen stoep- en straatstenen. De bloemen kleuren groen en wit en de plant is éénjarig. Het wordt wel een tredplant genoemd, wat betekend dat hij groeit op plekken die veel worden betreden.[7] De blaadjes van deze plant zijn eetbaar, en hebben een zoute, tuinkers- of mosterdachtige smaak.[8]

Heb oog voor onkruid

Dit was een korte beschrijving van vijf soorten plantjes die veel mensen als onkruid beschouwen, maar die misschien meer aandacht verdienen dan we ze geven. Sommige zijn eigenlijk best mooi als je ze eens goed bekijkt, anderen kunnen zelfs gegeten worden. Prinsenstad Makelaardij hoopt je hiermee een beetje nieuwsgierig te hebben gemaakt naar de natuur die je om je heen hebt, zelfs als je in de stad woont. Ook in de stad is op het gebied van flora en fauna vaak veel te vinden. Laten we de lente en zomer met veel inspiratie tegemoet gaan! Heb je een vraag naar aanleiding van dit artikel of over iets anders? Neem dan contact met ons op.